De gouden regel:
Zoek eerst de PV in de zin en pas de regels toe van de T.T. en de V.T.
De rest, het voltooid deelwoord dus, is eigenlijk kinderspel ...
Sterke werkwoorden:
Hopelijk hoor je wat het voltooid deelwoord is ...
Ik heb niet gezwemd maar wel gezwommen.
Hij heeft een liedje gefloten.
Zwakke werkwoorden:
Pas de verlengingsregel toe!
Ik heb leuk (spelen) : ik speelde - ik hoor een d dus ja, ik schrijf een d
Ik heb leuk gespeeld.
Hij heeft een uur (werken) : hij werkte - ik hoor een t dus ja, ik schrijf een t
Hij heeft een uur gewerkt.